|
Mijn buurman Henk zit al ruim twintig jaar bij de vrijwillige brandweer in Holten. Als zijn pieper gaat, hoor je de voordeur dichtslaan en zijn auto wegrijden, en dan weet de hele straat dat er ergens iets aan de hand is. Meestal komt hij een paar uur later terug, zet hij zijn auto op de oprit en gaat hij even in de garage zitten. Soms schuif ik aan. Op een zondagmiddag in oktober, de Holterberg nog nat van de regen, kwam hij terug van een melding even buiten het dorp. Een droger in een bijkeuken. Niemand gewond, veel rook, een zwartgeblakerde muur. Die middag hebben we lang gepraat. Wat hij ziet als de rook weg isHenk vertelde dat brand in huis zelden spectaculair begint. Het is vaak iets kleins. Een droger waarvan het pluizenfilter al maanden niet schoon is gemaakt. Een stekkerdoos achter de bank die in een andere stekkerdoos zit, met een elektrisch kacheltje erop. Een accu van gereedschap of een fiets die ’s nachts in de bijkeuken ligt te laden terwijl iedereen slaapt. Wat hem ook opvalt, is hoe vaak er in oudere huizen dingen zitten die iemand ooit zelf heeft aangelegd. Een extra stopcontact op zolder, doorgelust vanaf de overloop. Een lasdoos die onder de isolatie verdwenen is. Een groepenkast waarin niet alles achter een aardlekschakelaar hangt. Dat zie je niet als bewoner, zei hij. Je ziet het pas als het al te laat is. De rookmelder is het eind, niet het beginHenk is een fan van rookmelders, dat moet gezegd. Hij heeft er op elke verdieping een en hij test ze als de klok verzet wordt. Maar hij zei ook iets wat me bijbleef. Een rookmelder vertelt je dat het al brandt. Het voorkomen gebeurt eerder, in de meterkast en achter de muren. Toen hij een paar jaar geleden met zijn vrouw naar hun huis aan de voet van de Holterberg verhuisde, heeft hij daarom als eerste de installatie laten nakijken. Hij belde Elektricien Holten en vroeg om alles na te meten, niet alleen wat er kapot leek. De monteur vond een stopcontact in de slaapkamer met verkleurd plastic, waar een losse aansluiting warm was geworden. Op zolder zat een lasdoos onder de dekens van de isolatie. En twee groepen hadden geen aardlekbeveiliging. Henk liet het allemaal aanpakken en kreeg er een meetrapport bij. Een soort onderhoudsbeurt voor je huisHenk vergelijkt het met de auto. Niemand vindt het raar dat die elk jaar naar de garage gaat, maar een huis van veertig jaar oud met dezelfde bedrading laten we gewoon zitten zolang het licht aangaat. Hij drukt zelf twee keer per jaar op de testknop van de aardlekschakelaars, gewoon om te zien of ze afslaan. Doen ze dat niet, dan belt hij iemand. Verder blijft hij er met zijn handen af. Dat laat hij aan de vakman over, net zoals hij niet wil dat de vakman zijn brandweerwerk doet. Ik heb die avond in mijn eigen bijkeuken gekeken. De droger had een filter vol pluis. De laders van de fietsen lagen op een houten plank naast de wasmand. Het filter heb ik meteen schoongemaakt en de laders liggen nu op een stenen vloer, alleen overdag aan de stroom. Een week later heb ik ook Elektricien Holten gebeld, om mijn eigen huis eens te laten nakijken. Er bleek gelukkig weinig mis, op een oud stopcontact in de garage na. Maar ik slaap er rustiger door, en Henk knikte goedkeurend toen ik het vertelde. Daarna ging zijn pieper weer, en was hij weg. |
Wat mijn buurman bij de brandweer in Holten na een uitruk vertelt
